Wednesday, May 16, 2012

Alles kan kapot



"Kijken doe je met je ogen, niet met je handen", dat hoor ik mijn moeder nog zo zeggen. En welke moeder heeft dat niet tegen haar kroost gezegd bij het bezoeken van een winkel met breekbare spullen. Stel je voor dat er iets breekt, dan moet je het negen van de tien keer alsnog betalen. Ik kan mij niet herinneren ooit in zo'n winkel iets te hebben gebroken. 
Wel kan ik mij de beelden zo voor de geest halen van al die keren dat ik met kleerscheuren thuiskwam; kapotte knie, winkelhaken en onuitwisbare vlekken in mijn kleding. En even zo vaak werden die kledingstukken (tot mijn grote verdriet) opgelapt. Wee degene die de knielapjes in de vorm van een hart heeft bedacht, deze zijn echt nooit modieus geweest en zullen het niet worden ook.



In het liedje 'moederdag' van Hans Dorrestijn wordt prachtig vertolkt hoe eenvoudig dingen kapot kunnen gaan of kapot gemaakt worden, soms met de beste bedoelingen.


En naarmate ik groter werd, en zuiniger op mijn spullen, merkte ik dat het vaak juist de dingen waren die ik voor waardevol aanzag, die als eerste stuk gingen. Die broek, waar ik zo lang voor had gespaard, die ketting die ik zelf in talloze uren had zitten knutselen, die schoenen die zo ontzettend lekker zaten. Uiteindelijk gaan dingen een keer stuk. Behalve dan die dingen waarvan je het liefste wil dat ze stuk gaan, die blijken dan weer bijna onverwoestbaar. Die moet je dan een handje helpen in het kapot gaan. Je kent dat wel, zo'n onooglijk kopje wat iemand met grote zorg voor je verjaardag heeft gefabriceerd in een 'kleur-je-eigen-servies' workshop, die je 'toevallig per ongeluk' laat vallen bij het afwassen. Met een quasi treurige blik kijk je naar de scherven en probeert serieus te klinken als je zegt: "He, wat jammer nou zeg".


Bij ons in huis komen alle varianten wel eens voor. Ofwel wij maken zelf (gewild of ongewild) iets kapot, danwel doen de katten het voor ons. Zo ging ooit onze tv (nog zo'n ouderwets grote bakbeest) kapot en werd deze ter reparatie naar de winkel gebracht. De monteur belde enkele dagen later op en zei: "Ik ga nu iets voorlezen, dat heb ik niet verzonnen, zo staat het letterlijk in het montagerapport: kat is leeggelopen in tv." En inderdaad, bleek één van de katten gekotst te hebben achterop de tv en was het zure slijm rechtstreeks in de tv-kast gelopen. Zelf heb ik eens mijn auto kapot gemaakt, door een bocht te krap te nemen, waardoor een betonpaaltje over de volle lengte van de auto een prachtige inkeping maakte. Daar was ik dan weer dagen kapot van. The Man niet, die kon er om lachen: "Het is maar een ding". 


Het is eigenlijk ook raar hoe makkelijk mensen het woord 'kapot' gebruiken in zoveel variaties.

  • ik ben er kapot van
  • ik ben helemaal  kapot 
  • mijn dag kan niet meer  kapot 
  • drank maakt meer  kapot dan je lief is
  • alles kan  kapot 
  • ik ben me  kapot geschrokken
  • die vaas is  kapot lelijk
Ineens vraag ik mij af waar dat woord nu toch vandaan komt. Een beetje googlen levert al gauw wat informatie op. In de zeventiende eeuw werd het woord met een C geschreven (capot). Van oorsprong blijkt het een Frans woord te zijn, wat vooral gebruikt werd bij een kaartspel (verslagen, kapot gespeeld) en in de scheepvaart (faire capot: kapseizen, kopje onder gaan). Deze term is overgenomen in de Germaanse taal in de 30jarige oorlog (capot machen: verslaan / caput: aan stukken, stuk). bronhttp://www.etymologiebank.nl/trefwoord/kapot

Het woord wordt ook wel eens in grappige zin gebruikt. Als een persoon een ander mens heel erg leuk vindt, maar erachter komt dat die al een relatie heeft, kan 'ie zeggen: "Alles kan kapot". En ook dat is waar. Relaties gaan soms ook kapot, 'meestal' niet vanzelf. Ik moet de eerste nog tegenkomen die bij het wakker worden ineens verschrikt opmerkt: "Verrek, kijk nou toch eens. Is zomaar mijn relatie kapot". 

Dat de wereld niet ophoudt als dingen, relaties en mensen kapot gaan weten we intussen allemaal wel. Al voelen sommigen dat even anders. Als het goed is slijt het gevoel dat mensen hebben als dingen, relaties en mensen kapot gaan. De hevigheid van de emoties neemt af, en je realiseert je dat het wel goed komt of minder erg is dan je dacht of dat je wereld gewoon blijft doorgaan. En soms moeten dingen gewoonweg kapot, om ruimte te maken voor iets nieuws. Je kunt geen heerlijke omelet maken als je niet eerst een eitje kapot maakt. Je aan iets vast willen klampen en het voor 'eeuwig' koesteren lijkt zinloos, want alles kan kapot....



Sunday, January 8, 2012

Vrouw Nolle




Een paar dagen geleden, het was werkelijk prachtig weer, besloot ik een eindje te toeren. De straat uit, een eindje de stad door en niet lang daarna reed ik door een typisch polderlandschap. Grote velden groen, afgewisseld door velden vol graan, aardappels en zonnebloemen en hier en daar een door mensen gemaakt bos. Hoe je dat ziet? In een door mensen gemaakt bos staan alle bomen keurig op een rij, met tussen de stammen steeds dezelfde afstand. 

Na vele kilometers rijden, merk ik dat ik 'gehypnotiseerd door het landschap' vlakbij Groningen ben. Ik zou nu eigenlijk even moeten stoppen om iets te drinken. Mijn blik valt op een bord met de naam "Sappemeer". Daar moet ik heen denk ik, als je dorst hebt is een meer van sap wel aanlokkelijk. Grijnzend neem ik de afslag en niet lang daarna passeer ik het gemeentebordje van Sappemeer. Ik zoek een winkelstraat op en parkeer mijn auto. Terwijl ik rondkijk of ik een café of cafetaria kan ontdekken, valt mijn oog op een wolwinkeltje.
Oh, daar moet ik gewoon even naar binnen, mijn honger naar nieuwe wolletjes, handwerk boeken en naalden is niet te stuiten. Voorzichtig aai ik over mohair, voel de rekkracht van zijde en blader ik door diverse patronen boeken. Met mijn nieuwe schatten stap ik vrolijk weer in de auto en rijdt een stukje door om een rustig plekje te vinden. Op een parkeerplaats aan het Winschoterdiep stop ik om mijn nieuwe aanwinsten stuk voor stuk te bewonderen. En ja, ik kan het niet laten om de nieuwe breinaalden te proberen. Superdun en zo licht. Ik zet een tiental steken op met dunne zijde en begin te breien... "insteken, omslaan, doorhalen en af laten glijden". Er vormt zich al een mooi lapje als ik mij ineens per ongeluk in de vingers prik met de breinaald. De scherpe punt gaat rap door het puntje van mijn wijsvinger en bloed druppelt zachtjes op het lapje. Ach wat zonde nou, denk ik, en ik stap haastig uit om het lapje schoon te spoelen in het Winschoter diep  . Ik buk over de beschoeiing en verlies mijn evenwicht...PLONS.



Green crocheted small bag, for your iPhone, Nokia, Samsung or other mobile telephone, iPod, pencils, make-up, money etc.
Wat leuk dat al de creaties van
Vrouw Nolle online te koop zijn.
Klik hier om ze te bekijken.
Ik kom weer bij in een heerlijk zacht bedje. Over mij buigt zich een vriendelijk gezicht: "Ik ben  Vrouw Nolle ", zegt een lachende dame. "Ik heb je net op tijd uit het water kunnen vissen. Rust maar lekker even uit", zegt  Vrouw Nolle . Ze geeft me een dampende kop Café au lait, "Mijn lievelingsdrank", zegt ze. Ik ga wat overeind zitten en nip aan de Café au lait, terwijl  Vrouw Nolle  op een stoel naast mij komt zitten. "Ben ik hier al lang?", vraag ik. De lachende vrouw knikt: "Je slaapt al een dag of twee, je zult wel erg moe zijn geweest. Terwijl jij zo heerlijk lag te snurken, heb ik van de wol die je bij je droeg een mooie tas voor je gehaakt. Ik kon het  niet laten, ik moest gewoon iets creatiefs doen."




"Ik zal je eerst wat over mijzelf vertellen", zegt  Vrouw Nolle , "en daarna wil ik natuurlijk alles over jou weten." Terwijl ik geniet van de heerlijke warme koffiedrank, ratelt  Vrouw Nolle  aan één stuk door. Dat ze boordevol energie zit en altijd iets wil maken voor en met mensen. En dat ze mensen aan elkaar koppelt (nee niet als stelletje, maar vraag en aanbod), dat ze verzot is op alles wat met internet te maken heeft maar vooral bloggen en twitteren.  Vrouw Nolle  is verslaafd aan Twitter, maar ook helemaal verzot op haken en breien. En als ze niet Tweet of creatief is, verslindt ze boeken en tijdschriften letter voor letter. En tussendoor maakt  Vrouw Nolle  tijd voor haar partner Martijn en dochter Quinty. "Grappig he?", zegt  Vrouw Nolle , "ikzelf heet Christel, maar noem jij me maar gewoon  Vrouw Nolle ."


Niet alleen haar handwerk is kleurrijk en vrolijk.
Haar persoonlijke website is dat ook.
Klik hier om de website te bezoeken.
Ik zoek een plekje voor mijn lege beker, terwijl  Vrouw Nolle  allerlei creaties opzoekt om aan mij te laten zien. Tassen, hoesjes, kussens, sjaals, petten en boek kaften, teveel om op te noemen, maar blijkbaar niet te veel om allemaal te laten zien. Het bed ligt al gauw bezaaid met kleurrijke creaties en hebbedingen. 'Maar nu genoeg gekletst", zegt  Vrouw Nolle , "het wordt tijd dat je uit je warme bed komt." Ze toont me de badkamer en terwijl ik mijn laatste slaap uit de ogen douche, denk ik na over hoe ik  Vrouw Nolle  nu toch kan bedanken voor al haar goede zorgen. Ik zal het haar gewoon maar vragen.




Vrouw Nolle zit mij op te wachten in de gezellige, maar wat rommelige keuken. "Ah, daar ben je weer. Ik heb een heerlijke verrassing voor je." Ze plaatst een grote glazen coupe vol met chocolade ijs voor mij op tafel. "Je bent zo lief voor me, hoe kan ik je bedanken  Vrouw Nolle ?", vraag ik. "Och", zegt  Vrouw Nolle , "ik vind het leuk om iets voor je te doen. Bovendien is het ook nog eens gezellig om met iemand op te trekken die ook  creatief is. Maar als je me echt een plezier terug wil doen..... dan zou je me kunnen helpen met het huishouden. Vrouw Nolle  stopt even en wijst om ons heen op opgestapelde tijdschriften, wasmanden met strijkgoed en een emmer met een mop. "Ik ben bepaald geen superhuisvrouw", zegt ze lachend, "eigenlijk heb ik een grote hekel aan het huishouden. Zo ondankbaar werk, nee dan ben ik liever creatief."


Ik snap het wel en herken het ook. Ik ken maar weinig superhuisvrouwen die daarnaast nog eens energie en tijd over hebben om mensen aan elkaar te koppelen of creatief te zijn. Zulke gaven moet je toch koesteren, denk ik, en ik pak de emmer met sop en wat doekjes en ga razend door het huis. Ondertussen hoor ik hoe Vrouw Holle op haar geheel eigen wijze mensen aan elkaar knoopt: "Hallo lieverd, zeg ik zag je oproepje voor een nieuwe medewerker en nu ken ik iemand die helemaal in jouw straatje past. Kan ik haar aan je voorstellen?" ... en even later..."Dat is dan afgesproken. Leuk om je gesproken te hebben, we doen gauw weer eens een Tweetsessie. Vrouw Nolle  voelt zich als een spin in het wwweb, zoals zij mensen met elkaar in contact brengt. Ondertussen boen ik de douche en toilet en stofzuig ik de kamer en hal. Het valt eigenlijk best mee met de chaos. Het huis is best schoon, er wordt geleefd en daarom ligt er overal wel iets, behalve stof




Ze is gek op chocola....maar wie is dat niet?
Als ik de schoonmaakspullen weer heb opgeruimd, heeft  Vrouw Nolle  nog één verzoekje. Of ik het beddegoed op het balkon wil opschudden zodat ze lekker fluffig en fris worden. "En schudt maar lekker hard, dan dwarrelen de donzen veertjes over het balkon naar beneden. Dan lijkt het net of het sneeuwt. Dat vind ik toch zo leuk om te zien." Ik schud en klop en schud nog meer met al het beddegoed en de kussens en alle los zittende veertjes dwarrelen inderdaad naar beneden. Ik volg de veertjes met mijn ogen, het werkt hypnotiserend. Langzaam vallen mijn ogen dicht. In de verte hoor ik nog de stem van  Vrouw Nolle : "Dank je wel voor het poetsen en opschudden. Kom gerust nog eens langs als je in de buurt bent. We Twitteren...."


Als ik mijn ogen weer open doe, zit ik achter mijn eigen laptop. In het scherm zie ik  Vrouw Nolle  vrolijk lachend in beeld op haar Twitter account. Ik typ....'Hallo Christel...wat ik nou toch gedroomd heb...'




Chris Crea Club has moved/is verhuisd

Saturday, November 26, 2011

Er schuilt een Shaffy in The Man

Van kind af aan heb ik mij aangetrokken gevoeld tot Ramses Shaffy. Door zijn liedjes en de boodschap die hij daarmee uitdroeg. En later, toen ik mij meer kon verdiepen in de mens achter de liedjes, door zijn levenspad. Ramses was ten volle zichzelf, koos nooit voor een compromis ten koste van zijn eigen gevoel.

Ramses zijn manier van leven, denken en voelen had niet enkel een effect op hemzelf, maar alles wat met hem in aanraking kwam werd erdoor geraakt. Hij was geen zonderling, maar ook geen gezelschapsdier. Een levenslustig mens die geluk en liefde met anderen deelde alsof het een tweede natuur was. En was het geld op, nou jammer dan.

Zojuist keek ik naar een tv document over Ramses Shaffy en bleef aan de buis gekluisterd. Fragmenten van liedjes, interviews met mensen uit zijn directe omgeving en natuurlijk ook met Ramses zelf. Een gevoel van weemoed en heimwee overvalt me. Ik neurie mee met de liedjes en luister aandachtig naar alles wat gezegd wordt. Zo hoor ik hoe hij velen aanstak met zijn relativeringsvermogen en lust voor leven.

En ineens valt er een kwartje....


Vanmorgen nog stond ik te mopperen tegen The Man over de aanschaf van een duur horloge. Enkele weken geleden bracht hij zijn favoriete horloge naar de juwelier, om het batterijtje te laten vervangen.Dat bleek echter zo ingewikkeld dat het naar de fabrikant moest worden opgestuurd. Vanmorgen vanuit het niets zei The Man: "Ik wil kijken voor een nieuw horloge, want ik vind het niet zo prettig om niet te weten hoe laat het is." Dat leek mij nog plausibel, totdat hij bij de juwelier een exemplaar uit de kast liet halen, het paste en mij duidelijk maakte dat hij deze heeeeeel  graag wilde hebben. "Wat kost het dan?", wilde ik weten. "Honderdvijfenzestig euro", zei de verkoper zonder blikken of blozen.

Ik had daar moeite mee, omdat naar mijn idee het een behoorlijke prijs was om een korte periode te overbruggen tot zijn eigen horloge weer terug was. "Ik vind deze te groot voor je pols", zei ik meteen. "Valt wel mee hoor", zei de verkoper, "ik heb ook smalle polsen en ik draag ook zo'n grote". The Man  keek mij als een puppie aan. "Je kunt mij nog een keer vragen wat ik vind, maar het blijft hetzelfde", sputterde ik. The Man  draaide zijn pols links en rechtsom en keek verliefd naar het horloge. En weer werd mij die puppie blik toegeworpen. Strak keken beide heren mij aan. "Ja, je kunt het ook een derde keer vragen, maar ik vind nog steeds hetzelfde". De verkoper voelde wel aan dat we er zo niet uit kwamen en zei: "Denkt u er maar eens rustig over na en komt u dan later nog eens terug".

Buiten begon The Man uit te leggen waarom hij het horloge zo mooi vond en dat hij deze echt nog wel langer zou dragen. In gedachten zag ik die stapel horloges die hij in de afgelopen vijftien jaar had gekocht en die hij vijf jaar geleden besloot niet meer te willen dragen. Daarvan zijn er een aantal weggegeven, maar ergens in huis moeten er nog zeker een paar liggen. "Kun je niet straks thuis even zoeken naar eentje en daar een nieuw batterijtje in laten zetten. Dan weet je voorlopig weer hoe laat het is en hoef je niet zoveel geld uit te geven", opperde ik.

Maar The Man had zijn zinnen gezet op het klokje en begon opnieuw uit te leggen dat deze mooier is dan die ouwere, dat hij deze dan ook langer en vaker zou gebruiken, dat hij bij een andere winkel minstens zoveel kwijt zou zijn.....enzovoort. Het hielp hem niet. "Ik vind het belachelijk om zo eventjes zo'n bedrag uit te geven omdat jij niet het geduld kunt opbrengen dat je eigen horloge terug is", zei ik met meer boosheid in mijn stem. Er werd nog wat over en weer gekibbeld tot The Man ineens abrupt zei: "Hou er maar over op, we zijn nu klaar. Ik wil er niets meer over horen." Mokkend liep hij naast mij de straat door. Uiteindelijk stelde ik voor dat hij, als hij het echt zo graag wilde, zelf maar de winkel moest binnenlopen om het te kopen, "Dan blijf ik hier wel op je wachten...". Maar nee, The Man bleef erbij, hij was er klaar mee.

Even later stond ik in een schoenenwinkel naar schattige stoere peuterschoentjes te kijken, wie weet zat er nog iets bij voor mijn kleine nichtje. "Die vind ik niks", zei The Man, "en die ook niet. Ik vind ze allemaal niets aan. Nee we kopen niets voor een ander. Als ik niet eens wat geld voor mijzelf mag uitgeven, kopen we ook niets voor een ander...". Wijselijk besloot ik er maar geen woorden meer aan vuil te maken. je hebt er nu eenmaal niets aan als je een ander boos maakt, hoe terecht of onterecht je het ook vindt.



En net, met het kijken naar het tv document over Ramses Shaffy valt ineens dat spreekwoordelijke kwartje. In The Man schuilt een Shaffy. Voor hem is geld ook geen doel, maar een middel. Ook hij deelt alles wat hij heeft met anderen. Iemand zei ooit over The Man , dat hij zelfs zijn hemd nog zou weggeven. Ook zijn levensdoel is genieten en dat doen wat je plezier brengt. The Man  houdt ook niet van een compromis als het tegen zijn gevoel in druist. Nee is nee, en ja is ja. Het leven is maar kort, waarom zul je er niet van genieten. Met net zoveel gemak als hij een kado voor een neefje of nichtje koopt, geeft hij geld of kado's aan een vreemde. "Het is maar geld", hoor ik hem dan zeggen. En hij heeft wel gelijk.

Het tv document is net afgelopen, The Man  is op pad om bandfoto's te nemen, en ik zit hier vertwijfeld op de bank. Had ik nou wel zo hard nee moeten zeggen? Mag je iemand die een Shafferiaanse inborst heeft wel zo beknotten? In mijn hoofd borrelen 'verstandige' gedachten op die mij pogen gerust te stellen, maar de liefde voor de ziel van Ramses dendert er dwars door heen. Als alle gedachten langzaam kabbelend steeds meer naar de achtergrond verdwijnen blijft er een liedje in mijn hoofd hangen....

"Laat me, laat me, laat me mijn eigen gang maar gaan. Laat me, laat me, ik heb het altijd zo gedaan...."

Sunday, September 4, 2011

Pig City, here I come

Een jaar of wat geleden hoorde ik 's morgens vroeg Giel Beelen op de radio vertellen over zijn favoriete goede doel: Het Beloofde Varkensland. Ik was nog niet zo erg wakker en het merendeel ging langs mij heen. Ik werd er pas weer aan herinnerd toen er een half jaar geleden een envelop op mijn deurmat lag. Een lichtgrijze met daarop in grote hanenpoten geschreven: 'VOOR JOU'. Ik bekeek de envelop van alle kanten, maar nergens een aanwijzing van wie deze kwam. Ook was mij niet duidelijk of deze wel voor mij bedoeld was. En daar kom je maar op één manier achter....de envelop open maken.

Met een klein mesje sneed ik keurig de envelop langs de zijkant open. Ik gluurde erin om te zien wat de inhoud was. Daar kwam een briefje uit, een beetje kneuterig gevouwen. En in het briefje stond het volgende:






Geen naam, geen adres, geen telefoonnummer....vreemd. Dat zal toch niet echt voor mij bestemd zijn? Dus het briefje verdween op een stapel post en raakte in de vergetelheid.
Tot er twee weken geleden een tweede briefje op mijn deurmat lag. Weer stond er op de envelop 'VOOR JOU' en op het briefje was het volgende te lezen:







Tja, je begrijpt dat hiermee mijn nieuwsgierigheid toch wel gewekt was. Wie was die onbekende afzender die beweerde in Pig City te wonen? En wie was eigenlijk de familie Bofkont? En waar vind ik Pig City?

Ik vroeg het aan mijn man, en die haalde zijn schouders op en dook weer achter zijn krantje. Daarna vroeg ik het aan de buurvrouw en die lachte zo hard dat ze zich bijna verslikte. "Jij bent een grapjas", zei ze en ging grinnikend verder met grasmaaien. Ik vroeg het aan de postbode (die zou toch wel moeten hebben gehoord vanPig City?), maar die zag onze katten in de gang en rende niezend weg. De kapster had er nog nooit van gehoord: "Een varkens-stad zeg je? Nee, zegt me helemaal niets."
Ik ben uiteindelijk een kopje koffie gaan drinken bij een vriendin. Ontmoedigd door al de reacties van anderen op mijn vragen over de varkens-stad deed ik haar mijn verhaal. Haar reactie was verrassend: "Pig City? Dat is toch de geuzennaam van de stad Zwijndrecht? Of had je dat nog niet eerder gehoord?" Ik bedankte haar en ging haastig huiswaarts.

Ik pakte mijn reispakketje in: een bloknootje, pennen, portefeuille, kleren, tandenborstel en de hele reutemeteut die mensen gebruikelijk inpakken als ze op reis gaan. Zwijndrecht, here I come.
Blij met de nieuwe clou reed ik de straat uit richting snelweg. Zuidwaarts leek mij een goede richting. Ergens bij Breda stopte ik de auto om te tanken. De pompbediende legde mij uit hoe ik bij Zwijndrecht kon komen. En het was niet eens ver meer, even na Antwerpen...

Leuke stad trouwens, Antwerpen, maar dat is een verhaal op zich. Ik was al ras in Zwijndrecht aangekomen. Nu begon het zoeken naar de familie Bofkont. Mijn auto parkeerde ik in de Regenbooglaan, hier moet de familie Bofkont wel vlakbij wonen, dat kan haast niet anders. Ik liep er een rondje en besloot eerst maar eens een hapje te gaan eten om het gerommel in mijn maag te stoppen. Bij Frituur 't Dorp bestelde ik een Vlaamse friet met stoofvlees. Omdat het er best druk was, vroeg ik een stelletje of ik bij hen mocht aanschuiven aan tafel. Zij knikten instemmend. Hij zat glimlachend zijn frietjes op te peuzelen en zij brak meteen het ijs. "Hoi, Ik ben Corinne en dit is mijn man Andy. Wij zijn een paar dagen op pad, genieten van de Belgische cultuur, en dan bedoel ik niet alleen het eten", zei ze met een knipoog. Het duurde niet lang of ik vertelde wat mij naar deze plaats had gebracht.

"Ooohhh, dat moet een vergissing zijn. Het briefje slaat vast op de Nederlandse plaats Zwijndrecht. Ik weet zeker dat onze woonplaats als eerste de geuzennaam Pig City kreeg. Echt, dat weet ik heel zeker." Corinne wist mij ervan te overtuigen dat de briefjes mij hadden moeten leiden naar een plaats in Nederland. Hoewel het taalkundig allerbelabberdste briefjes waren, had Corinne gelijk toen zij mij er op wees dat Belgen toch heel andere woorden gebruiken. Dan was vast één van de zinnen afgesloten met zulle.
Van de familie Bofkont had Corinne nog niet gehoord, en dat terwijl ze toch al heel wat jaartjes in Pig City woont. "Is het misschien een metafoor? Nou dan zou je wel eens bij ons op de koffie moeten komen, wij beschouwen onszelf als bofkonten." Liefdevol veegde Corinne de mondhoeken van haar man schoon, wat werd beantwoord met een glimlach. Met af en toe een aanvulling van haar levenspartner vertelde Corinne mij in geuren en kleuren wat het voor hen beiden betekend om Bofkonten te zijn: "We zijn nog jong (44); genieten van muziek, reizen en lekker eten en natuurlijk van elkaar. En lachen is onze meest favoriete hobby."

Ik liet haar de beide briefjes nog eens zien. "Weet je misschien wie deze briefjes geschreven kan hebben?" Corinne bestudeerde ze aandachtig en zei hoofdschuddend: "Nee, sorry, ik zou het niet weten. Gelukkig heb ik meer verstand van verzekeringen...hahaha." Andy rolde van zijn stoel van het lachen. Terwijl hij zich weer achter het tafeltje in de Frituur omhoog hees, legde hij uit dat haar werk alles te maken heeft met verzekeringen.

We wisselden adresgegevens uit en telefoonnummers om bij thuiskomst een afspraak te kunnen maken voor een volgende ontmoeting. Oh, wat was ik blij dat het mysterie was ontrafelt. Enkele dagen later reisde ik opnieuw naar Zwijndrecht, maar ditmaal de Nederlandse, de enige echte
 
Pig City.





"Ha, daar ben je dan", zegt de altijd vriendelijke Corinne. "Kom binnen en struikel niet over de harige viervoeters Simba en Mowgli." In de gang speuren mijn ogen naar een glimp van de twee junlgeboek dieren, terwijl ik voorzichtig over twee poezen heen stap. "Oh", zeg ik, "bedoelde je de katten?" Corinne lacht me toe, "Daar trappen wel meer mensen in, geeft niet hoor hihi."
Omdat het zulk mooi weer is gaan we direct door naar de tuin, waar de koffie al klaar staat met een mandje vol voorverpakte koekjes. Ik roer wat in mijn koffie en vis een koekje uit het mandje. Terwijl ik de folie openscheur vallen vele kruimels in mijn koffie en op de tafel. Corinne heeft de tranen van het lachen in haar ogen. "Haha, dat is elke keer weer zo grappig... Ooit heeft iemand ons laten zien dat zij van die voorverpakte koekjes ongeopend fijnstampt om ze vervolgens terug te leggen in het mandje. De wetenschap dat een volgende gast een handvol kruimels krijgt is zo humoristisch. Sindsdien doen wij dit ook overal. We bestellen koffie, slaan het voorverpakte koekje tot moes en leggen het terug in het koekjesmandje hahaha."  Ik kijk naar Corinne en naar de koekkruimels en schiet in de lach. Kort erna zijn we beiden het ene na het andere koekje aan het fijnstampen. 
Thuis heb ik een interview voorbereid. Ik pak mijn blocnote te voorschijn en begin met de vragen: "Wat is je grootste passie?" Corinne kijkt me denkend aan. laat een "uuuuhhhhmmm" horen en antwoord: "Da's moeilijk te zeggen. Ik heb veel grote passies. Kijk daar, dat is Andy, mijn zielemaatje, dat is meer dan een passie. Muziek stroomt door mijn aderen, ook een passie. Zonder muziek ben ik nergens. En dan echt alle soorten muziek, of het nou jodelen, opera of hardrock is. Lezen is ook een passie, ik verslind het beletterde papier. Humor is ook een passie, ik lach graag en veel haha." Het gesprek verloopt soepel; praten met Corinne is plezierig. Ondertussen heeft de koffie plaatsgemaakt voor een lekker borreltje met hapjes. Mijn mond valt open bij de aanblik van de overvloed aan lekkernijen. Bescheiden pak ik een klein toastje met een eigengemaakte salade. "Geneer je maar niet hoor", zegt Corinne, "wij zijn echte Bourgondiërs en laten geen kans ongemoeid om van alle geneugten des levens te genieten. Ik kan je aanraden het er lekker van te nemen." Dat laat ik mij geen twee keer zeggen en ik geniet met elke hap.

Na een paar uurtjes babbelen en bourgondisch genieten pakt Corinne het glas uit mijn handen: "Kom, we gaan een rondje door Pig City doen. Het wordt tijd dat je ziet wat het hier zo leuk maakt." Ik verslik me bijna, veeg gauw mijn mond af en terwijl Corinne me meesleurt weet ik nog net mijn tas met camera te grijpen. Maar in plaats van de deur uit te stappen wordt ik meegesleurd naar de slaapkamer, waar ik niet lang daarna geperst wordt in een .... heuse dirndl!

Ademhalen is een ware kunst, maar niet uit je jurkje barsten nog kunstiger. Ik probeer voorzichtig te ademhalen en gelukkig kan de dirndl het hebben. "En nu Pig City onveilig maken", zegt Corinne, die haar dirndl met een gracieuze gemak draagt. Terwijl we over de keitjes lopen naar het centrum glij ik een aantal keren op mijn derrière dankzij de gladde zooltjes van mijn bijpassende lakschoentjes. Ik denk dat ik deze verkleedpartij niet vaak zal herhalen. Als ik voor de zoveelste keer vol op mijn billen beland, zie ik een bijzondere tegel tussen de keien.

Ik kijk Corinne aan en die legt meteen uit dat zij wereldberoemd zijn in Pig City. Als dit niet genoeg bewijs is dat ik nu echt bij de familie Bofkont ben, dan eet ik mijn lakschoenen op. Dichterbij het centrum aangekomen worden we overspoeld door vrolijke muziek en uitbundig verkleedde mensen. "Je kan toch met carnaval onmogelijk als jezelf gaan feesten?" Corinne zwiert over straat en verdwijnt dansend en zingend tussen de dichter groeiende massa mensen. Ik roep haar nog een paar keer na, maar mijn stemgeluid kan het feestgedruis niet overstemmen. Een groepje feestvarkens loopt mij voorbij en omver. Een van de als varken verkleedde dames helpt mij overeind. "Zo, deerne, jij bent een eindje van huis he?", vraagt ze. Ik vraag mij af hoe zij dat weet, maar krijg geen kans om iets te zeggen. De groep sleurt mij mee een kroegje in en deelt er flyers uit. Nieuwsgierig als ik ben, weet ik er eentje te bemachtigen.

Aan de voorzijde staat deze foto:

En aan de achterkant het volgende: 
En ineens begreep ik alles. Glimlachend bekeek ik de flyer. "Oh daar ben je", hoor ik ineens achter mij, "ik was je even kwijt." Corinne heeft mij teruggevonden. Ze duwt een biertje in mijn handen en proost met mij: "Op de familie Bofkont, wij dus!" Ik proost glimlachend met haar mee. "Op de familie Bofkont!

Ik heb nog een tijdje met Corinne de stad onveilig gemaakt, genoten van zang, dans, eten en drinken. En ja, zij is een ware Bofkont, een levensgenieter pur sang.

Morgen, ja morgen zal ik "Het Beloofde Varkensland" bellen. Dat is een heel ander soort Pig City, met vier potige Bofkonten. Dankzij het misverstand heb ik toch maar mooi kennis kunnen maken met een bijzonder aardig mens. Corinne, proost, dat je maar lang mag genieten!!



PS: dat van die lakschoenen, dat was maar een grapje. Je denkt toch niet dat ik die echt ga eten?


Sunday, July 17, 2011

Oops, I did it again

Soms hebben mensen eigenaardige eigenschappen die kenmerkend voor ze zijn. Niet altijd leuk, soms gênant en soms zelfs een beetje gevaarlijk. Niet altijd leuk is het net naast iemand te moeten zitten die ofwel constant zijn neus ophaalt, rafeltjes naast de nagelriem afbijt of een irritante lach heeft. In de gênante categorie kun je denken aan de automobilist die niet doorheeft dat anderen hem gewoon kunnen zien, terwijl hij de inhoud van zijn neusgaten eruit schraapt. Nog gênanter is het als die persoon het zo nauwkeurig bij elkaar gepulkte hoopje menselijk afval genoegzaam in het gat onder de neus steekt. (Ja soms kun je een hoop beleven als je in een file staat).

THE MAN heeft een eigenschap ontwikkeld die in de categorie 'beetje gevaarlijk' valt (althans deze eigenschap in ieder geval). Het betreft "koken met gevaar voor eigen leven". Maar daarover later meer. Nu is de keuken altijd al zijn domein geweest (ik vind koken een noodzakelijk goed en ben er niet echt goed in). In de afgelopen jaren heb ik de collecties met servies, bestek, keukenapparaten, kookgadgets, en niet te vergeten de kookboeken enorm zien groeien

Sommige keren leek een aanschaf hem onvermijdelijk: "Echt, je zult het merken dat je eten stukken lekkerder wordt met zo'n stoomkoker" en "Je zal het zien, als we die speciale blender met 20 elementen hebben, dan drinken we elke dag zo'n gezonde smoothie" of "Natuurlijk ga ik deze grote, maar verplaatsbare, glazen micro oven vaak gebruiken. Weet je wel wat je daar allemaal mee kan doen..."

Andere keren was het kwaad al geschied en trof ik bij thuiskomst THE MAN vrolijk lachend aan terwijl de vloer bezaaid lag met alle attributen van weer een mooi blinkende kook-hulp-geval. Terwijl mijn blik boekdelen sprak, negeerde THE MAN dit om vervolgens mij vrolijk uit te leggen wat je met dit apparaat allemaal kan doen. KAN DOEN is geen garantie dat het ook gebeurt, of dat het een herhaalde activiteit wordt. De meeste van dat soort apparaten verdwijnen via het aanrecht, de keukenkastjes naar het keuken-apparaten-walhalla....onze garage. IJsmachines, Chinese fondue, blenders, stoomkokers en ga zo maar door staan zwijgzaam te verpieteren in een ruimte waar niemand ze ooit nog aan zal raken. Menig stukje servies heeft zijn weg naar een nieuw thuis gevonden via het pad: kast -- garage -- kringloop. Het enige dat gestaag blijft groeien en het huis niet verlaat is de berg kookboeken. Ik schat dat het aantal tegen de 200 loopt, maar misschien ben ik gewoonweg geïmponeerd geraakt door het aanblik van al die boeken. 

Tot dusver nog niets gevaarlijks zul je zeggen en dat klopt. Het kost een paar centen en soms wat discussies, maar de aanschaf en het verlief van zulke dingen is niet levensgevaarlijk.  Wat wel gevaar op kan leveren is de combinatie van THE MAN's passie voor koken, een beetje ongeduld en een snufje nonchalance. Ik zal je een paar voorbeelden schetsen:



1. Flamberen doe je (in) de keuken!

Een enkele keer heeft THE MAN zin in het vervaardigen van een zoete creatie. Hij gaat er prat op een zeer lekker toetje te kunnen maken met appel, siroop, suiker en likeur. En ik moet hem nageven, die creaties die het woord toetje een andere betekenis geven zijn niet te versmaden. De finishing touch is niet zoals je zou verwachten een beetje liefde maar een beetje vuur...flamberen heet dat. Als alle ingrediënten in de pan zitten schenk je er een goede scheut likeur bij en daar hou je dan een vlammetje bij. Herhaalde malen maakte THE MAN zijn prachtige creaties en ontving er applaus en eeuwige roem voor. 
Enkele jaren geleden stond THE MAN vrolijk in de keuken te werken aan zijn meesterwerk, toen er ineens een WHOESHHHJJJ te horen was. Vanuit de woonkamer zag ik een steekvlam. Rennend naar de keuken, riep ik nog: "Wat gebeurt er?" Maar toen ik bij het onheil arriveerde was de steekvlam gedoofd. Grinnikend drukte THE MAN met een natte theedoek de laatste vlammetjes op een keukenkastje uit. Dat keukendeurtje is volgens mij het laatste wat hij tot nog toe heeft geflambeerd.


2. Een keukenla is geen grabbelton!

Sommige ongelukjes zijn onvermijdelijk, andere gevalletjes vallen onder de noemer domme pech. Wie te lang in de zon kijkt kan lasogen verwachten, wie zijn hand op een hete verwarming legt kan brandblaren verwachten. En wie in een klem zittende, nauwelijks open te krijgen, keukenlade wroet, komt mogelijk met iets scherps in aanraking. Onze keukenla is bij tijd en wijle georganiseerd of gereorganiseerd. Maar nooit voor lang. Mesjes, maatschepjes, zeefjes, schaaf, schillers enzovoort verplaatsen zich in zo'n la. En soms ligt er iets zo dwars dat de keukenla hapert. THE MAN heeft dan niet het geduld om na te kijken, en na te denken over een mogelijke oplossing. Nee, hij steekt er zijn hand in, legt de dwarsligger recht en krijgt daarmee de la open...vaak wel
Een paar jaar geleden kwam er wat getier uit de keuken. Aan het geluid te horen ging het getier gepaard met heftig gesjor aan de keukenla. Vervolgens trof mij de blaam: "Jij zal wel weer iets raar in de la hebben gelegd". Vaak laat ik getier even gaan, tot het moment komt dat ik een zinnig antwoord kan geven. Ik ben vrouw en kan dus voor THE MAN enorm zeuren: "Wat ben je aan het doen? Oh dat doe je helemaal verkeerd. Laat mij er maar eens naar kijken. Nou, ga eens opzij dan en laat mij eens..." In dit geval zei ik niets en wachtte het juiste moment af. Het getier nam even later toe en THE MAN vroeg boos om een pleister. Hij had zijn hand in de la gestoken, maar sneed meteen zichzelf in de vinger aan een schaafblad met scherpe rand. Een venijnige snee was het gevolg.



3. Er zit een knop op je fornuis!

Een jaar of wat geleden had THE MAN een paar prachtige riblappen gehaald. Deze moesten met een zorgvuldige mengsel van kruiden, boter, ontbijtkoek en tomaat een paar uurtjes stoven. Op het moment dat de pan met deksel erop op een zacht pitje kan worden geplaatst heb je tijd voor jezelf. Meestal is tussen de twee en vier uur echt wel genoeg voor mals gesudderd vlees. THE MAN vergat echter niet de tijd, maar wel het pannetje. Pas toen wij zo'n dik uur rijden van huis waren schoot hem ineens in het hoofd: "Oh ja, ik heb nog een pan op het vuur staan en het gas vergeten uit te draaien". Bij thuiskomst, zo'n acht uur later, was het huis en zelfs het pannetje nog intact. Het vlees was opperst gaar en de vlees-vezels weken al uiteen als je met je mes er naar wees. 


Je zou zeggen dat je van zoiets iets leert. Je weet wel 'Een ezel stoot zich in het algemeen geen twee keer aan dezelfde steen'. Maar THE MAN is geen ezel, integendeel, de laatste maanden komt het frequent voor dat hij na het koken het gas vergeet uit te draaien. Geen dementie, maar pure verstrooidheid. Aandoenlijk op zijn tijd, maar ik hoop dat ik niet vergeet te kijken of het gas uit is. 

Dit zijn zomaar een paar voorbeelden van gevallen die stuk voor stuk tot erger leed dan bovenstaande hadden kunnen leiden. Dat dat niet het geval is wijt ik aan geluk, dat kleeft af en toe ook aan THE MANgelukkig.

Uniek is een 'beetje gevaarlijk' niet. Ik ken genoeg voorbeelden van andere MAN exemplaren die minstens een blog waard zouden zijn. Die zal ik niet noemen, hij (zij) zal (zullen) vast weten wie ik bedoel.

Tuesday, June 14, 2011

Verzoekjes???

't is al een tijdje geleden dat iemand lef toonde en mij uitdaagde een blog over hem/haar te schrijven.
Ik snap het wel als je het niet durft. Je voorgangers hadden ook enige schroom.

Maar wees gerust. Je krijgt altijd de tekst als eerste ter goedkeuring onder ogen. Er wordt niets gepubliceerd zonder jouw goedkeuring.
En weet je wat? Het kost je helemaal NIETS.

Nou? Daag me eens uit als je durft???


Voor de kenners van THE MAN: als je een nieuw verhaal over THE MAN wil lezen, kun je dat in het gastenboek aangeven. Ga dus snel naar het gastenboek en wie weet kun je weer huilen van het lachen om de eigenaardigheden van THE MAN.

Wednesday, April 13, 2011

Soeper Andy

"Jetst gehts loss", roep ik keihard in de microfoon. Achter mij staan de diva's al opgesteld. Stuk voor stuk hebben ze enorm hun best gedaan er zo vrouwelijk mogelijk uit te zien....de mannen. Waar ik nu ben? Hahaha, je raadt het nooit. Ik ben op 'der Insel Dordt', een waar paradijs voor liefhebbers van droge humor. Een dag geleden stond ik op het Centraal Station te Rotterdam en liet er een willekeurige passant een bestemming voor mij kiezen. En eenmaal in de trein liet ik een willekeurige medepassagier bepalen bij welk station ik uit zou stappen. En vandaar heb ik vier keer de weg gevraagd naar het gezelligste plekje van die stad.

En hier sta ik dan, op een podium in een omgebouwde gymzaal. Het is een feestzaal geworden met allerlei toeters en bellen....en slingers. Toen ik gisteravond een slaapplek kreeg aangeboden kon ik niet vermoeden dat ik midden in het feestgedruis wakker zou worden. Mijn matras bleek achter de coulissen van een podium te liggen. Terwijl ik vanochtend de slaap uit mijn ogen wreef werd ik door een aantal personen (mannen ...vrouwen... 't was moeilijk te zeggen) indringend aangekeken. Voor het jaarlijkse buurtfeest was alles in volle gang, maar de presentator bleek spoorloos. En waar vind je zo gauw vervanging... ik kon maar moeilijk weigeren, zeker als een knappe man-vrouw je met grote droef-ogen aankijkt. Zonder al te veel aarzelen stelde ik mij vrijwillig voor als presentator. Tja, dat kan toch niet al te moeilijk zijn toch?

Alle in deze blog genoemde namen berusten op fictie
(behalve wanneer ze op realiteit berusten)
Nadat de burgemeester van het stadje een langdradige toespraak hield en een aantal bejaarden in de zaal een luid gesnurk lieten horen was het mijn beurt om het podium te beklimmen. "Lieve mensen, er is al zoveel gezegd, daar heb ik niets aan toe te voegen. Ik ben wel toe aan een spetterende show en jullie?"
In de zaal wordt volop gestampt en geklapt en zelfs gefloten. Ik kijk even schuin in de coulissen. Daar staat de eerste man-vrouw-divmet een prachtige wulpse creatie aan en eindeloos hoge hakken. En nu pas dringt het tot me door......'oooh, het is een drag-queen-show'.... Terwijl een paar mensen in de zaal hun kelen schrapen spiek ik gauw op mijn briefje. "Lieve mensen, laten we er geen doekjes om winden. Sommige vrouwen staan hun mannetje, sommige mannen ook, maar deze man overstijgt alles. Laat je overtuigen van de diva kwaliteiten van..........Japie de Leeuw...

Een gejuich barst los terwijl ik het podium verlaat. Uit de coulissen zie ik Japie, de geboren bouwvakker, met verkrampte kaken en stiletto hakken het podium op strompelen. Daar paradeert hij kort op en neer, terwijl hij tussen zijn stralende tanden (in een prachtige glimlach) door vloekt. Japie zingt nog een verkorte versie van een nummer van Marlene Dietrich (Ich bin von Kopf bis Fuss aus Liebe eingestellt) en breekt vervolgens tijdens zijn af'gang' een hak op het trapje. Het publiek gaat uit zijn dak en fluit, joelt en schreeuwt er op los. "Japioooooo..." "Da's mijn neef Japie, de nicht..." Ik klim opnieuw het podium op en kondig de volgende diva aan: "Dames en heren, de volgende diva staat al te popelen om op te treden. Overdag opent hij als Charles de deuren voor de gasten van een luxe hotel. 's Avonds brengt hij als Charlotte menig schipper in de kleine café's aan de haven het hoofd op hol met haar buikdansact. Mag ik een daverend applaus voor Charlotte!"


Wil je kennismaken met deze hunk?
Klik dan hier
Terwijl ik achter de gordijnen een verlicht plekje zoek om mijn spiekbriefje nog eens te lezen hoor ik naast mij wat gestommel. Ik kijk vluchtig en lees dan weer verder. Weer gestommel, gevolgd door een bons en een zachte "Oh nee he?". Ik zoek tussen de gordijnen en zie dan daar op de grond een gevallen man eeeeh vrouw eeeh nee, een diva. Ik kijk nog eens goed op mijn briefje en weer naar de diva. "Ben jij niet Andriel de zeemeermin? Je moet hierna het podium op hoor...." De potige zeemeermin kijkt me wanhopig aan, toont me de gescheurde staartvin en snikt zachtjes: 'Ja, zo kan ik me toch niet vertonen...?" Nerveus begin ik te lachen. Deze diva is overduidelijk niet geslaagd als vrouw: knalgroen haar dat alle kanten uit staat, oranje met blauwe oogschaduw, donker oranje blush, te dik aangekoekte wimpers en een tenu van glimmend rood lycra met een printje van John Cleese. Ik bekijk haar....het van top tot vin terwijl zij/hij verder gaat met geweeklaag. 


"Noem mij gewoon Andy, dat Andriel kan nu echt niet meer. Bah! Ik heb hier al weken naar uitgekeken weet je. Dagen ben ik bezig geweest met dit kostuum. Weet je hoeveel uren het alleen al gekost heeft om een draad door een naald te krijgen?Andtoont zijn grote handen met de lange brede mannen vingers. Ik knik begrijpend. "Dagen ben ik in de weer geweest om de perfecte make-up te vinden en nog meer dagen om me op een zeemeerminnen manier te kunnen bewegen. Kijk daar staat zelfs de grote aquarium waarin ik op het podium gehezen zou worden....En nu is het voorbij...Andkijkt triest naar beneden. De stilte werkt aangrijpend en net als ik hem troostend een arm om de schouder wil leggen, begint Andte ratelen.

Voelde jij bij de serie ook altijd het gemis van de vijfde man?
Nou, hier issie....
Dat hij normaal zo een stille jongen is, altijd keurig op de achtergrond, als een stille genieter. En dat hij zo graag met mensen samen plezier beleeft ook als hij niet op de voorgrond treed. Dat hij dolgraag reist, dichtbij en ver weg. Vooral leuke mensen ontmoeten samen met zijn zielemaatje Corinne. Hij vertelt ook over hoe hij zo enorm kan genieten van muziek, maar dan wel als zijn cd's op alfabetische volgorde liggen. En veel lachen, heel veel lachen, daar haalt hij energie uit. Andvertelt vol passie over zijn werk: hij is een hersteller van vormen......iemand die vormen hersteld als ze beschadigd zijn. Vormen waarin iets gegoten wordt, waardoor er prachtige voorwerpen ontstaan. Zonder bruikbare vorm kunnen die prachtige voorwerpen niet gemaakt worden, dat maakt hem zo belangrijk. Terwijl Andvertelt knik ik begrijpend. "Dus je bent een soort van held....de redder in nood.....net als, tja hoe heet 'ie ook al weer....Sapper....nee...Sopper....nee ... ehh...Soeperman, die dus.Andbegint te lachen: "Ja, dat ben ik....!"

Op de achtergrond hoor ik het gejuich van het publiek aanzwellen, de act is op zijn einde en ik moet de volgende aankondiging doen. Ik kijk gauw om mij heen, zie daar allerlei spullen staan van een eerder gegeven circusvoorstelling en krijg een ingeving. Andluistert aandachtig naar mijn instructies en kleedt zich als de wiedeweerga om en veegt zijn make-up en tranen van zijn gezicht. Ik klim het podium op en terwijl ik het publiek toespreek wordt achter mij een grote kanon het podium opgereden, met de loop omhoog gericht. er steekt voorzichtig een mannenhand uit die zwaait.
"Dames en heren, mag ik jullie onverdeelde aandacht voor de meest spectaculaire act van deze dag. Voor u gaat optreden Soeper Andy, een man van weinig woorden maar krachtige daden. Kijk hoe hij met een bijzonder hoge snelheid een enorme afstand af legt om pijlsnel terug te keren. Zijn doel........Kijkt u maar eens door de ramen naar het weerhaantje op de kerktoren...."

"Oooohhhhh" en "Aaaaaahhhhh" wisselen elkaar af in de zaal. Met grote ogen zien zij hoe Soeper Andy met een noodvaart richting de toren vliegt, daar een vastgeklemde duif redt en deze even later veilig terugzet op de grond. Het applaus wat Soeper Andy ten deel valt is er een van een ongekende klasse, en houdt zeker een uur aan. Het moge duidelijk zijn welke act vandaag het meeste in de smaak is gevallen..... 

En Soeper Andy...? Die maakt er geen woord aan vuil. Wel poseert hij nog even....voor de vorm!
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------